Coronamaatregelen opleiders

Hygiënemaatregelen beroepsvervoer examens, toetsen en cursussen

Geen herstart examens T-rijbewijs, directiechauffeur en deel Binnenvaart

De praktijkexamens voor het T-rijbewijs en de praktijkexamens directiechauffeur (DP1 en DP2) en een deel van de Binnenvaartpraktijkexamens worden niet opgestart vanaf 18 mei. Bij T-examens is er zeer geringe afstand tussen de kandidaat en de examinator. Bij de afname van DP1 en DP2 examens zitten normaal gesproken 3 personen in het voertuig, terwijl het hygiëneprotocol uitgaat van maximaal 2. Daarom wachten wij eerst het TNO-onderzoek af waarin passende maatregelen onderzocht worden voordat wij deze examens hervatten. Medio juni kunnen wij u hierover meer informatie geven. Meer informatie over de herstart van binnenvaartexamens volgt later deze week op deze pagina.

Algemene maatregelen

Kom niet bij ziekteverschijnselen

  • Heb je corona/koorts/verkoudheidsklachten, blijf dan thuis.
  • Heeft iemand uit je huishouden voornoemde klachten, blijf dan thuis.
  • Je mag pas weer naar het examen komen wanneer jij en/of je huisgenoot 24 uur geen klachten meer heeft.

Algemene hygiëne maatregelen

  • Was regelmatig je handen met water en zeep.
  • Hoest en nies in de binnenkant van je elleboog.
  • Schud geen handen.
  • Gebruik papieren zakdoeken
  • Houd 1,5 meter afstand.

Vijf gezondheidsvragen

Anderhalve meter afstand houden is bij de meeste praktijkexamens en -toetsen niet mogelijk. Daarom stellen we vóór het examen vijf gezondheidsvragen aan onze klanten. Antwoord de klant op één van de vragen ‘ja’ dan wordt het examen kosteloos uitgesteld naar een later moment. De vragen zijn opgesteld door het RIVM.

Aangepaste procedure praktijkexamens

Voorafgaand aan het examen

  • Alleen examenkandidaten hebben toegang tot het pand.
  • Bij de ingang moeten kandidaten de handen desinfecteren.
  • De kandidaat mag 15 minuten voor aanvang van het examen het pand betreden.
  • De kandidaat loopt zonder zijn instructeur de examenzaal in wanneer hij wordt opgeroepen.
  • De examinator zit achter een acrylaatplaat.
  • Er worden geen handen geschud.
  • Als bij een POL of openbare locatie andere aanvullende richtlijnen gelden dan worden deze bij de ingang van het pand bekend gemaakt.

Ontvangstgesprek praktijkexamens

  • De examenkandidaat en examinator desinfecteren vooraf hun handen.
  • De examinator is bevoegd het examen niet af te nemen wanneer hij merkt dat de kandidaat griepverschijnselen vertoont of kampt met verkoudheid/hoesten/benauwdheid of als de kandidaat geen mondkapje wil dragen in het voertuig.
  • De kandidaat desinfecteert eerst zijn ID-bewijs voordat hij deze overhandigt aan de examinator.
  • Bij aanvang van het ontvangstgesprek stelt de examinator vijf vragen aan de kandidaat over de gezondheid.
  • Bij de CDE en LZV examens: het ontvangstgesprek van het examen start binnen. Dit om de bevraging over conformiteitsbewijs en kentekenbewijs (bij CDE) en het theoretische deel van het examen (bij LZV) goed te laten plaatsvinden. De kandidaat komt zonder instructeur naar binnen.
  • Uitzondering voor CDE examens op CBR locaties en Taxi: Op CBR locaties start het examen bij het voertuig, dit om het aantal personen in een locatie te beperken. De kandidaat wacht bij het examenvoertuig en de examinator komt naar hem toe. Het ontvangstgesprek vindt dan buiten of in het voertuig plaats.
  • Na afronding van het ontvangstgesprek reikt de examinator een mondkapje uit aan de kandidaat. Kandidaat en examinator lopen vervolgens op gepaste afstand van elkaar naar het examenvoertuig. Indien gewenst kan de examinator handschoenen en een bril dragen.

Tijdens de examenrit

  • Tijdens of gelijk na het ontvangstgesprek desinfecteert de kandidaat de auto (portiergrepen, stuur, bedieningspanelen, sluiting veiligheidsgordel, versnellingspook). De examinator desinfecteert het deel van de auto waar hij zit (dashboard bijrijder, portiergrepen, sluiting veiligheidsgordel, hoofdsteun).
  • De instructeur rijdt niet mee tijdens de examenrit.
  • De inhoud van de examenrit is ongewijzigd.

Een aantal elementen uit de examens zullen naar aanleiding van de hygiëne maatregelen gewijzigd moeten worden om het contact tussen de kandidaat en de examinator te minimaliseren.

CDE:
Het onderdeel bestuurderskaart en tachograaf (toetsterm 1.4 van de toetsmatrijs; controle van het voertuig en handeling na beëindiging van de rit in de rijprocedure): het gebruik van de bestuurderskaart in het praktijkexamen zal getoetst worden door middel van bevraging, in plaats van het daadwerkelijk plaatsen en verwijderen van de kaart. Hiermee voorkomen we dat de kaart uitgewisseld moet worden tussen de kandidaat en de examinator. De bevraging zal gaan over hoe de kaart geplaatst en verwijderd moet worden. Voor voertuigen voorzien van een tachograaf met schijven, komt het overhandigen van de schijf aan de examinator na afloop van de rit te vervallen.

Taxi:
Op het moment dat de examinator en kandidaat plaats gaan nemen in het voertuig, opent en sluit de examinator zelf de deur, pakt zelf de gordel en stelt zelf de hoofdsteun af.

Eindgesprek

  • Bij het betreden van het pand desinfecteren examenkandidaat en examinator opnieuw hun handen. - Voordat de examinator en de kandidaat plaats nemen achter de tafel desinfecteren zij hun deel van de tafel en hun kant van de acrylaatplaat.
  • Het eindgesprek vindt plaats in de examenzaal. De instructeur is daar niet bij aanwezig. De instructeur gaat terug naar de auto. Wanneer de kandidaat dit wil, kan de instructeur telefonisch meeluisteren wanneer de kandidaat de uitslag krijgt. De kandidaat belt de instructeur. De instructeur zet de telefoon op ‘mute’, waardoor hij niet aan het gesprek kan deelnemen. In verband met de aanwezige acrylaatplaat schuift de kandidaat de telefoon in de richting van de examinator, zodat de instructeur alles goed kan verstaan.
  • Tot en met 31 december 2020 geldt een afwijkende regel ten aanzien van het ondertekenen van de examenuitslag. De examinator tekent ter validatie met zijn initialen in aanwezigheid van de kandidaat. De kandidaat tekent niet. Hierdoor hoeft de kandidaat niet de tablet en pen van de examinator aan te raken.

Eisen voor het praktijkexamen op POL locaties

De uitgangspunten die gelden voor CBR locaties zoals weergegeven in het CBR hygiëne protocol gelden ook voor POL locaties. Lees hier het hygiëne protocol. Dit betekent tenminste:

  • Bij de ingangen staat desinfectiemateriaal: Iedere medewerker en iedere bezoeker moet bij binnenkomst zijn handen ontsmetten.
  • Bij alle ingangen hangen posters of staan banners waarop de opleider huisregels van de locatie rond corona kenbaar maakt.
  • Op de grond zijn belijningen aangebracht met looproutes en vooral om te stimuleren om 1,5 meter afstand in acht te houden. Er geldt zo veel mogelijk eenrichtingsverkeer. -Er zijn acrylaatplaten aangebracht rond alle intake –, informatie- en receptiebalies.
  • De ruimte waar het praktijkexamen start en eindigt biedt voldoende ruimte om 1,5 meter afstand van elkaar te houden, bij het betreden, verlaten van de ruimte en tijdens het gesprek. Tevens wordt de gesprekstafel van de examinator voorzien van een acrylaatplaat.
  • De ruimte waar het praktijkexamen start en eindigt en de sanitaire voorzieningen worden regelmatig (meerdere keren per dag) gereinigd en geventileerd.
  • Er wordt zorg gedragen voor het regelmatig (meerdere keren per dag) schoonmaken van contactoppervlaktes zoals deurknoppen, leuningen, liften en wc’s.

Huisregels CBR

Het CBR hygiëneprotocol maakt onderdeel uit van de huisregels van het CBR. Het sanctiereglement is daarmee van toepassing.

Het overtreden van de regels die betrekking hebben op dit hygiëneprotocol worden aangemerkt als ‘Niet voldoen aan huisregels of aanwijzingen/verzoeken CBR-personeel.’ Of in een uitzonderlijk geval als (poging tot) mensgericht fysiek geweld. Dit kan leiden tot opzegging van de POL overeenkomst.

Aangepaste procedure nascholingscursussen, praktijktoetsen en ADN opleidingen en applicatiedagen Directiechauffeur

Uitvoeringseisen praktijktoetsen nascholingscursussen code 95, ADN opleidingen en applicatiedagen Directiechauffeur in coronatijd

Vanaf 18 mei 2020 kunnen opnieuw praktijktoetsen, nascholingscursussen voor de code 95, Directiechauffeur en ADN opleidingen worden verzorgd. In dit bericht leest u onder welke deze moeten worden uitgevoerd.

Maatregelen overheid

Om voor de kandidaten, cursist, de docent, toetsafnemer en de steekproefnemer van het CBR een zo veilig mogelijke situatie te creëren, blijven bij de uitvoering vanaf 18 mei 2020 alle overheidsmaatregelen, waaronder de 1,5 meter afstand, onverminderd van kracht.

Algemene richtlijnen RIVM
Richtlijnen voor contactberoepen RIVM
Protocol rijscholenbranche

Maatregelen locaties

Bij de uitvoering van praktijktoetsen, nascholing, Directiechauffeur en ADN-opleidingen wordt voor wat betreft de locatie verwezen naar het protocol dat door de opleidingsbranche is opgesteld. Dit betekent bijvoorbeeld dat:

  • Hygiëne maatregelen zichtbaar op de locatie worden opgehangen.
  • Alle contactoppervlakken regelmatig gedesinfecteerd worden. •Onderling contact zoveel mogelijk vermeden wordt.
  • Er 1,5 meter afstand wordt bewaard, bijvoorbeeld d.m.v. dosering, routing en markering van afstanden.
Let op: indien niet aan het protocol wordt voldaan, dan wordt dit gezien als overtreding (eisen locatie) en treedt het sanctiemodel dat in diverse Raamwerken is opgenomen.

Mondkapjes, acrylplaten en andere maatregelen

Bij het uitvoeren van de praktijktoetsen, ADN opleiding, Directiechauffeur en nascholingscursussen is het niet verplicht om gebruik te maken van mondkapjes. Hetzelfde geldt voor het gebruik van acrylplaten of andere afschermende constructies binnen het voertuig. Let wel: bij de praktijkexamens gelden andere regels.

Raamwerken

Bij de uitvoering blijven de raamwerken en uitvoeringseisen van kracht. De toetsen en kandidaten, en cursussen/opleidingen en cursisten worden op de gebruikelijke wijze aan- en afgemeld in TOP internet, er vinden steekproeven plaats en bij overtredingen treden het sanctiemodel in werking.

Toezicht

Het CBR blijft op de gebruikelijke wijze toezichthouden. Kan een steekproef geen doorgang vinden, dan treedt het sanctiemodel in werking. Wordt niet voldaan aan de overheidsmaatregelen? Dan kan hiervan melding worden gemaakt bij de betreffende gemeente waar de cursus plaatsvindt. Mocht hier sprake van zijn, dan zal dit altijd van te voren aangegeven worden bij het opleidingsinstituut.

Identiteitscontrole en presentielijst
De identiteitscontrole blijft een belangrijk aspect bij een steekproef. Zorg ervoor dat deze plaats kan vinden, door de identiteitsbewijzen bij aanvang van de cursus te verzamelen op een plek in de cursusruimte waar door de steekproefnemer 1,5 meter afstand kan worden gehouden. Bij verzameling van de identiteitsbewijzen kan ook meteen de presentielijst getekend worden. Hetzelfde geldt na afloop van de cursus. Houd hierbij rekening met voldoende afstand tussen de cursisten en zorg voor desinfecterende middelen, bijvoorbeeld voor de te gebruiken pennen. Bij de praktijktraining vindt de controle op o.a. het identiteitsbewijs en het rijbewijs buiten het voertuig plaats, waarbij gepast gebruik wordt gemaakt van handschoenen en desinfecterende middelen.

Bij de praktijktoetsen geldt dat de toetsafnemer het identiteitsbewijs aan de steekproefnemer overhandigt, waarbij gepast gebruik wordt gemaakt van handschoenen en desinfecterende middelen.

Praktijktoetsen – selectie variant en scenario’s

Bij de praktijktoetsen wordt aan de hand van het trekken van een kaart bepaald welke variant er bij de toets besloten terrein wordt gereden en welke scenario’s er bij de praktische toets worden uitgevoerd. Houd er bij de selectie rekening mee dat de deze op verantwoorde wijze plaatsvindt, bijvoorbeeld door het gebruik van handschoenen, en denk aan het reinigen van de selectiekaarten met desinfecterende middelen.

Praktijktoetsen – uitslag

Houd er bij het meedelen van het resultaat van de praktijktoets rekening mee dat dit op geschikte wijze plaatsvindt, onder andere door ten minste 1,5 meter afstand te houden.

Nascholing - Minimumeisen en deelnemersaantallen

Bij de opstart van de nascholing voor de code 95 is begonnen met een halvering van het aantal deelnemers. Deze beperking wordt per 25 mei a.s. opgeheven. Vanaf vrijdagmiddag 22 mei 17:00 uur is het weer mogelijk om voor maandag 25 mei a.s. theoretische nascholingscursussen in TOP internet te plannen met het maximum aantal deelnemers dat in het Raamwerk nascholingscursussen is benoemd.

Let op: het aantal deelnemers is afhankelijk van de faciliteiten die u tot beschikking heeft. Zijn deze faciliteiten niet voldoende voor het maximum aantal deelnemers uit het Raamwerk? Dan moet u het aantal deelnemers beperken. U bent er als opleidingsinstituut zelf verantwoordelijk voor dat de verschillende maatregelen vanuit de overheid in acht worden genomen en dat wordt voldaan aan de eisen die gesteld zijn in de voor u geldende noodverordening.
Nascholingscursussen met bus of vrachtauto

De huidige beperking op de praktijktrainingen en theoriecursussen waarbij een bus of vrachtauto wordt gebruikt, blijft bestaan. Dit betekent dat er voorlopig maximaal twee personen in het voertuig mogen zijn. Op de openbare weg betekent dit één deelnemer en één docent. Verzorgt u bijvoorbeeld een baantraining, waarbij de docent buiten het voertuig staat, dan mogen er twee deelnemers in het voertuig aanwezig zijn.

Simulator

Voor de praktijktrainingen die op een simulator worden uitgevoerd geldt dat er één deelnemer plaatsneemt in de simulator. Het maximum aantal deelnemers zoals vermeld in het Raamwerk blijft gehandhaafd, mits de overige deelnemers en de docent in de observatieruimte 1,5 meter afstand tot elkaar kunnen houden. Ook moet de opleider hierbij rekening houden met een eventueel bezoek van een toezichthouder van het CBR. Deze toezichthouder moet te allen tijde de ruimte krijgen om de steekproef op een veilige manier uit te voeren. Voor en na elke rit wordt de simulator (stuur, stoel, dashboard, etc.) gedesinfecteerd.

Nascholing - Opleidingsplan en hulpmiddelen

Bij de uitvoering van de cursus wordt het gecertificeerde opleidingsplan gebruikt. Houd er rekening mee dat aan alle (overheids-)maatregelen moet worden voldaan en dat iedere cursist daar waar nodig gebruik maakt van eigen/persoonlijke hulpmiddelen. Moeten hulpmiddelen, zoals een heftruck, gedeeld worden? Zorg dan dat de hulpmiddelen voldoende gedesinfecteerd zijn.

Voorbeelden
Verzorgt u de cursus U21-1 EHBO? Zorg er dan voor dat er voldoende maatregelen zijn getroffen om de cursus door te kunnen laten gaan, bijvoorbeeld door voor iedere cursist een reanimatiepop goed te desinfecteren voor hergebruik.

Behandelt u in de cursus U20-1 Fysieke Belasting het onderwerp ‘chauffeurstoel instellen’? Dan kan dit met maximaal twee personen (uitleg: toegestaan is twee cursisten, of een cursist en een docent) in het voertuig. Voorafgaand aan de training en na iedere cursist worden de contactoppervlakken gereinigd met desinfecterende middelen.

ADN

Voor het initiële ADN-examen en de eindtest van de herhalingsopleiding wordt een opleiding gevolgd. Omdat in de RIVM richtlijnen voor contactberoepen is opgenomen dat de groepsgrootte in één ruimte zoveel mogelijk beperkt moet worden, worden de deelnemersaantallen die in het opleidingsplan staan gehalveerd. Vanaf maandag 25 mei 2020 mogen de deelnemersaantallen uit het opleidingsplan opnieuw worden gebruikt, als de faciliteiten van het opleidingsinstituut dit toelaten. Het is de verantwoordelijkheid van het opleidingsinstituut om deze afweging te maken. Uitgangspunt is dat hierbij nog steeds voldaan moet worden aan de overheidsmaatregelen en noodverordeningen die van toepassing zijn.

Directiechauffeur

Om het CCV D1 en D2 certificaat te kunnen verlengen moeten applicatiedagen gevolgd worden. Omdat in de RIVM richtlijnen voor contactberoepen is opgenomen dat de groepsgrootte in één ruimte zoveel mogelijk beperkt moet worden, worden de deelnemersaantallen voor wat betreft de theoretische applicatiedagen gehalveerd. Vanaf maandag 25 mei 2020 mogen de reguliere deelnemersaantallen opnieuw worden gebruikt, als de faciliteiten van het opleidingsinstituut dit toelaten. Het is de verantwoordelijkheid van het opleidingsinstituut om deze afweging te maken. Uitgangspunt is dat hierbij nog steeds voldaan moet worden aan de overheidsmaatregelen en noodverordeningen die van toepassing zijn.

Voor wat betreft de praktische applicatiedagen geldt dat deze mogen worden uitgevoerd met maximaal één deelnemer.

feedback